De cyclus van dag en nacht in de Dzogchen beoefening

Inleiding
Dit is een verkorte vorm van de instructies die binnen Dzogchen gegeven worden aan de serieuze beoefenaar van meditatie. Doel is om te stabiliseren in heldere aanwezigheid – eerst door te zitten, daarna gedurende alle activiteiten van de dag en daarna, indien mogelijk, ook gedurende de slaap. Het laat zien dat het mogelijk is om spirituele groei continu te maken.
Het doet denken aan een dialoog uit het boek “I am that” met Nisargadatta – een vertaling daarvan tref je aan onder deze tekst, om inzicht te geven hoe de realisatie van het Absolute er uit kan zien. Je kunt ook de tekst van Ken Wilber lezen: Eén smaak, die ook een beschrijving bevat van ononderbroken bewust aanwezig zijn tijdens het dromen en in de diepe, droomloze slaap.
De kern van de beoefening
De praktijk van Dzogchen vereist een voortdurende aanwezig zijn in het hier en nu. Dit wordt bereikt door middel van drie fasen:
- Begrijpen – Inzien dat alles wat we waarnemen een projectie van de geest is. De wereld is niet een illusie, maar wel imaginair. Zonder voorstellingsvermogen is zij er niet.
- Stabiliseren – Een staat van continue helderheid cultiveren. Keer steeds weer terug als je merkt dat je afgeleid bent, zonder dat te dramatiseren. Dat gebeurt honderdduizend keer. Dus dan keer je ook honderdduizend keer weer terug. Doe dat gewoon, zonder oordeel, emotie, of zelfkritiek.
- Voortgaan – Deze staat van bewustzijn behouden in alle dagelijkse activiteiten. Het is de bedoeling dat de staat van helderheid gedurende de gehele dag aanwezig is. Wat een stuk gemakkelijker is als je leven er simpel uitziet, dus dat is een goede reden om dit eerst tijdens retraites te oefenen, of plekken te zoeken waar je alleen bent: thuis, of in de natuur. Probeer het daarna ook steeds meer in het gewone, alledaagse leven te beoefenen.
Dit zorgt voor een integratie van spiritueel bewustzijn in alle aspecten van het leven.
Begrijpen: de werkelijkheid doorzien
De eerste stap in de beoefening is het verkrijgen van inzicht in de ware aard van de geest en verschijnselen. Volgens Dzogchen:
- Zijn alle waarnemingen illusoir en vergelijkbaar met dromen of weerspiegelingen in water.
- Heeft de geest geen vaste substantie, maar is hij tegelijkertijd helder en aanwezig.
- Zijn dualistische concepten zoals subject en object kunstmatige constructies.
- Komt zuivere aanwezigheid spontaan tot uitdrukking en overstijgt deze alle denkbeelden.
Door deze inzichten te realiseren, worden alle gedachten en emoties bij het ontstaan al bevrijd en verdwijnt de hechting aan wereldse illusies.
Stabiliseren: Het gewaarzijn verankeren
Om stabiliteit in de beoefening te verkrijgen, worden drie instructies gevolgd:
- Integratie – Het bewustzijn versmelten met de grenzeloze openheid van de hemel. (zie ook de tekst over skygazing)
- Ontspannen in aanwezigheid – Gedachten en ervaringen laten zijn zoals ze zijn, zonder ze te analyseren of te onderdrukken. (zie ook de tekst van Dilgo Khyentse Rinpoche)
- Voortgang maken – De staat van helderheid behouden, ongeacht welke ervaringen zich aandienen. (zie ook de tekst: Eenvoudige Dzogchen meditatie instructie)
Stabiliseren betekent dat het gewaarzijn niet slechts een tijdelijke ervaring is, maar een blijvende staat wordt die niet afhankelijk is van externe omstandigheden. Dit vereist:
- Oefening in ontspanning: Door regelmatig bewust adem te halen en de aandacht naar binnen te keren, leren we aanwezig te blijven zonder ons te laten meeslepen door gedachten.
- Het loslaten van oordeel: In plaats van gedachten te categoriseren als goed of slecht, positief of negatief, erkennen we dat ze slechts verschijnselen zijn die komen en gaan.
- Zorgvuldige aandacht voor afleiding: Telkens wanneer we merken dat onze geest afdwaalt, brengen we vriendelijk en zonder oordeel de aandacht terug naar het huidige moment.
- Beoefening in de dagelijkse activiteiten: Het stabiliseren van gewaarzijn betekent niet dat we stilzitten en mediteren. Het betekent dat we bij elke activiteit - of het nu wandelen, eten of werken is - aanwezig en oplettend blijven, zonder verstrikt te raken in onze gedachten.
Bij continue beoefening worden gedachten niet langer als storend ervaren, maar als natuurlijke manifestaties van de geest. Hierdoor ontstaat een diepe ontspanning en helderheid. Dit leidt tot een staat van gewaarzijn die niet wordt verstoord door emotionele schommelingen of externe invloeden.
Voortgang: het gewaarzijn in alle omstandigheden handhaven
Het uiteindelijke doel van Dzogchen is om de staat van gewaarzijn ononderbroken te behouden. Dit betekent:
- Niet afgeleid raken door gedachten of emoties.
- Het onderscheid tussen meditatie en dagelijkse activiteiten opheffen.
- Externe en interne fenomenen herkennen als manifestaties van de ware aard van de geest.
Door deze staat te cultiveren, overstijgt men de dualiteit en wordt men zich bewust van de fundamentele leegte en helderheid van alles wat is.
De beoefening tijdens de nacht en tijdens het wakker worden
De beoefening van Dzogchen stopt niet bij het inslapen. Ook de slaap is een gelegenheid om spiritueel te groeien:
- Bij het inslapen visualiseert men een witte letter 'A' of een bol van licht tussen de wenkbrauwen. Dit helpt om met helderheid de droomstaat binnen te gaan. (Je mag natuurlijk elke letter kiezen)
- Tijdens de slaap blijven de zintuigen ontspannen en blijft men zich bewust van de oorspronkelijke staat van de geest.
- Bij het ontwaken ervaart men direct een puur en ongecorrigeerd gewaarzijn, vrij van dualistische gedachten.
Door deze methoden te beoefenen, kan men uiteindelijk lucide dromen en inzicht verkrijgen in de illusoire aard van de werkelijkheid.
Vooral bij het wakker worden kun je leren zien hoe het ik-gevoel, na afwezig te zijn geweest, weer terug keert. Soms langzaam, soms in één keer. Observeer dat, zonder oordeel, gewoon: dat gebeurt.
De voordelen van continue beoefening
Door dag en nacht bewust te blijven:
- Verandert de manier waarop men emoties en gedachten ervaart; passies worden niet onderdrukt, maar transformeren vanzelf.
- Worden dromen herkend als dromen, wat de gehechtheid aan illusies vermindert.
- Wordt de cyclus van verwarring doorbroken, wat leidt tot een diepere realisatie van de ware natuur van het bestaan.
Uiteindelijk stelt de Dzogchen-beoefening een persoon in staat om het Boeddhaschap zelfs in een enkel moment van bewustzijn te realiseren. Wie dit beoefent kan door constante bewuste aanwezigheid en toewijding dit hoogste inzicht kan bereiken.
Conclusie
De cyclus van dag en nacht in Dzogchen is een complete methode om een staat van puur gewaarzijn te bereiken. Door bewustzijn te integreren in alle aspecten van het leven – zowel in wakkere toestand als in slaap – kan men uiteindelijk de illusie van dualiteit overstijgen en een staat van verlichting bereiken.
Nisargadatta Maharaj: Gewaarzijn en bewustzijn
Vrager: Wat doe u als u slaapt?
Maharaj: Ik ben me ervan bewust dat ik slaap.
V: Is slapen niet een staat van bewusteloosheid?
M: Ja, ik ben me ervan bewust dat ik bewusteloos ben.
(“Yes, I am aware of being unconscious.”)
V: En als u wakker bent, of droomt?
M: Ik ben me ervan bewust dat ik wakker ben of droom.
V: Ik snap u niet. Wat bedoelt u precies? Laat ik me precies uitdrukken: met slapen bedoel ik onbewust, met wakker zijn bedoel ik bewust, met dromen bedoel ik bewust van je geest, maar niet van de omgeving.
M: Nou, bij mij is het ongeveer hetzelfde, toch lijkt er een verschil te zijn. In elke staat vergeet je de andere twee, terwijl er voor mij maar één staat van zijn is, die de drie mentale staten van waken, dromen en slapen omvat en overstijgt.
(…)
V: Om terug te komen op de slaap. Droomt u?
M: Natuurlijk.
V: Wat zijn uw dromen?
M: Echo's van de waaktoestand.
V: En uw diepe slaap?
M: Het bewustzijn van de hersenen is opgeschort.
Q: Bent u dan bewusteloos?
M: Onbewust van mijn omgeving -- ja.
V: Niet helemaal bewusteloos?
M: Ik blijf me ervan bewust dat ik bewusteloos ben.
(“I remain aware that I am unconscious.”)
V: Je gebruikt de woorden 'gewaar' en 'bewust'. Zijn dat niet hetzelfde?
(“You use the words 'aware' and 'conscious'. Are they not the same?”)
M: Gewaarzijn is oeroud; het is de oorspronkelijke staat, beginloos, eindeloos, onveroorzaakt, niet ondersteund, zonder delen, zonder verandering. Bewustzijn is bij contact, een reflectie tegen een oppervlak, een staat van dualiteit. Er kan geen bewustzijn zijn zonder gewaarzijn, maar er kan gewaarzijn zijn zonder bewustzijn, zoals in diepe slaap. Gewaarzijn is absoluut, bewustzijn is relatief aan zijn inhoud; bewustzijn is altijd van iets. Bewustzijn is gedeeltelijk en veranderlijk, gewaarzijn is totaal, onveranderlijk, kalm en stil. En het is de gemeenschappelijke matrix van elke ervaring.
V: Hoe ga je voorbij bewustzijn naar gewaarzijn?
M: Omdat het gewaarzijn is dat bewustzijn mogelijk maakt, is er gewaarzijn in elke staat van bewustzijn. Daarom is het je bewust zijn van bewustzijn zelf al een beweging in gewaarzijn. Interesse in je stroom van bewustzijn brengt je naar gewaarzijn. Het is geen nieuwe staat. Het wordt meteen herkend als het oorspronkelijke, fundamentele bestaan, dat het leven zelf is, en ook liefde en vreugde.
V: Omdat de realiteit altijd bij ons is, waaruit bestaat dan zelfrealisatie?
M: Realisatie is slechts het tegenovergestelde van onwetendheid. De wereld als echt beschouwen en het Zelf als onwerkelijk is onwetendheid. De oorzaak van verdriet. Het Zelf kennen als de enige realiteit en al het andere als tijdelijk en vergankelijk is vrijheid, vrede en vreugde. Het is allemaal heel eenvoudig. In plaats van dingen te zien zoals je ze inbeeldt, leer ze te zien zoals ze zijn. Het is als het schoonmaken van een spiegel. Dezelfde spiegel die je de wereld laat zien zoals die is, zal je ook je eigen gezicht laten zien. De gedachte 'ik ben' is de poetsdoek. Gebruik hem.